In het Paasweekeinde hebben de Organisatie van Olieproducerende landen en Rusland (OPEC+)  noodgedwongen een afspraak gemaakt over een productiebeperking die de olieprijs de komende twee jaar moet stabiliseren. Een enorme daling in de olievraag door de wereldwijde coronamaatregelen maakte de prijsoorlog van de afgelopen maand onhoudbaar. Maar het conflict tussen de ‘grote drie’ op de oliemarkt – Rusland, Saoedi-Arabië en de VS – is nog niet voorbij.

Na een prijsoorlog van ruim een maand op de oliemarkt hebben Rusland en Saoedi-Arabië vlak voor het Paasweekeinde overeenstemming bereikt over beperkingen van de olieproductie. Later sloten zich ook andere olieproducenten zoals Canada en Noorwegen aan. Het resultaat is een historische beperking in de olieproductie, maar of het genoeg is om de olieprijs stabiel te houden blijft de vraag.

De Organisatie van Olieproducerende Landen plus Rusland (OPEC+) spraken af om in mei en juni 2020 de productie te beperken met 9,7 miljoen vaten per dag. Daarna zal OPEC+ zich tot 2022 houden aan een productiebeperking met 6 miljoen vaten per dag. Hiernaast beloofden ook de VS, Canada, Brazilië en Noorwegen - olie-exporteurs die niet bij de OPEC+ horen - op 13 april hun productie sterk te reduceren, zij het niet vrijwillig maar vanwege de lage olieprijs. Deze productiebeperking zal vermoedelijk neerkomen op 5 miljoen vaten per dag.

Bovenop de deal van de OPEC+ betekent dat een mondiale productiebeperking van 15 procent. Als de afspraken worden nagekomen zou dit dan ook de grootste beperking ooit zijn. In 2019 stond de totale wereldwijde olieproductie gemiddeld op 100 miljoen vaten per dag.

Voor Rusland betekent dit dat het zijn olieproductie beperkt met 1,5 tot 2 miljoen vaten per dag. Dat is vier keer meer dan in het voorstel dat Saoedi-Arabië begin maart deed. Dat werd toen door Rusland met harde hand afgewezen. Dat ook Amerika bijdraagt aan de productiebeperking is een succes voor OPEC+. Saoedi-Arabië en Rusland drongen daar al langer op aan. Hoewel de Verenigde Staten in de laatste jaren de grootste olieproducent ter wereld is geworden, heeft het tot nu toe nooit meegedaan aan afspraken met andere olieproducenten. 

aleksandr novakEnergieminister Aleksandr Novak, die namens Rusland de onderhandelingen met de OPEC+-landen voerde (bron: minenergo.gov.ru)

Dankzij deze deal steeg de olieprijs lichtjes. Een vat ruwe Brent-olie (een internationale maatstaf voor olieprijzen) kostte op maandag 13 april 32 dollar, 1 dollar meer dan de dag ervoor. De koers van de Russische roebel - die sterk verbonden is met de olieprijs - steeg ook: op 13 april was een dollar 74 roebel waard (een euro kost nu ongeveer 80 roebel). Op 24 maart zat de Russische munt nog op een dieptepunt van 80 roebel per dollar.

Ook Rosneft van mening veranderd

Met name de positie van Igor Setsjin, topman van het staatsoliebedrijf Rosneft, is van belang. Setsjin was voorstander van de prijsoorlog. Hij hoopte met een lage olieprijs de groeiende Amerikaanse olieproductie uit de markt te kunnen prijzen. De winning van de Amerikaanse schalieolie is duurder dan de Russische klassieke produktiemethode. 

Setsjin heeft echter bakzeil moeten halen. Na ingrijpen van president Poetin schaarde het bedrijf zich alsnog achter de beperking van de olieproductie. ‘Rosneft ondersteunt de uitspraken van president Vladimir Poetin dat een gecoördineerde wereldwijde daling van de olieproductie nodig is om de markt in balans te brengen, en verwacht dat de olieproductie in veel niet-OPEC landen met bovengemiddelde productiekosten toch wel zal dalen,’ verklaarde een zegsman van Rosneft aan de vooravond van de onderhandelingen, die op 9 april begonnen, tegenover de grote investeerder Renaissance Capital.

Trump tweet olieprijs omhoog

Het diplomatieke spel om nieuwe afspraken over de productie te maken, werd in gang gezet door een prijsoorlog tussen Rusland en Saoedi-Arabië die een maand duurde. Mede door de grootschalige terugval in de vraag naar olie door de coronacrisis veroorzaakte  dit een vrije val van de olieprijs in maart en april. Op 1 april bereikte de prijs van een vat Brent-olie een dieptepunt in 20 jaar: minder dan 25 dollar per vat. Toen de Amerikaanse president Trump (voorbarig) twitterde dat er een akkoord tussen Rusland en Saoedi-Arabië gesloten zou zijn om de productie met 10 tot 15 miljoen vaten per dag te beperken, schoot de prijs weer met ongeveer 50 procent omhoog naar 34 dollar per vat. Terwijl Amerika in de week daarop druk zette op Rusland en Saoedi-Arabië om die deal daadwerkelijk te sluiten – Trump dreigde onder meer met importheffingen op buitenlandse olie – stabiliseerde de olieprijs rond de 32 dollar per vat.

Ongekende daling in olievraag

Hoewel de beperking in de olieproductie historisch hoog is, denken veel analisten dat het niet genoeg is om de klap van het coronavirus op te vangen. Waar de overeenkomst van de OPEC+ een verlaging van 10 miljoen vaten per dag voorziet – aangevuld met 5 miljoen vaten in de andere olieproducerende landen – zal de vermindering van de vraag naar verwachting stukken groter zijn.

De schattingen lopen uiteen. Een eerste grove schatting kwam op 26 maart van Fatih Birol, het hoofd van het Internationaal Energieagentschap. ‘Vandaag de dag zitten 3 miljard mensen opgesloten. Hierdoor kunnen wij over dit jaar heel goed een val in de vraag verwachten van ongeveer 20 miljoen vaten per dag,’ aldus Birol. Ook waarschuwde hij dat de wereldwijde opslagcapaciteit voor olie binnen afzienbare tijd vol zou kunnen raken, omdat de vraag daalt terwijl Rusland en Saoedi-Arabië aanvankelijk juist extra productie hadden aangekondigd.

'Het Kremlin heeft tactisch een verlies genomen in de hoop op een grotere strategische overwinning'

Op de kortere termijn ziet de situatie op de oliemarkt er nog slechter uit. Saad Rahim, hoofdeconoom bij de Zwitserse oliehandelaar Trafigura zei tegen de Amerikaanse zakenkrant The Wall Street Journal dat de vraag naar olie door het coronavirus in april ruim 35 miljoen vaten per dag lager kan liggen dan in 2019.

Als deze prognoses uitkomen, is de afgesproken beperking van 10 tot 15 miljoen vaten per dag niet voldoende om de dalende vraag op te vangen, bevestigt ook de Amerikaanse investeringsbank Goldman Sachs. ‘Uiteindelijk is de schok in de vraag te groot voor een gecoördineerde beperking van het aanbod, wat de basis legt voor een grote verandering in de balans op de markt,’ aldus een zegsman van de bank.

Rosneft vertrekt uit Venezuela

Vlak voordat Trump en Poetin hun gesprek over de beperking van de olieproductie begonnen, heeft het Russische staatsoliebedrijf Rosneft een opvallende beslissing genomen. Op 28 maart verkocht het concern al zijn bezittingen in Venezuela – een pakket van 308 miljard roebel (3,7 miljard euro). Wie de bezittingen van Rosneft in Venezuela heeft overgenomen, is onbekend. Bekend is alleen dat de koper een bedrijf is dat 100 procent in handen is van de Russische overheid.

Het besluit van Rosneft is het gevolg van de sancties die de Verenigde Staten in februari 2020 instelden tegen twee dochterondernemingen van Rosneft omdat deze zaken deden met Venezuela. In combinatie met de dalende olieprijs begon Rosneft haar zakelijke belangen in het Latijns Amerikaanse land als te risicovol te ervaren.

Rosneft-voorlichter Michail Leontjev verklaarde tegen nieuwssite RBK: ‘Rosneft moet, als internationaal publiek bedrijf [naast een meerderheidsaandeel van Russische overheid heeft Rosneft ook buitenlandse aandeelhouders – red.] de belangen van de aandeelhouders beschermen’. Overigens betekent de verkoop nog niet dat de Amerikaanse sancties tegen Rosneft opgeheven worden. De Amerikaanse speciaal gezant voor Venezuela, Elliott Abrams, zei tegen persbureau Reuters dat de sancties opgeheven worden als Rosneft niets meer te maken heeft met Venezuela. De verkoop zelf is daarvoor niet genoeg bewijs, aldus Abrams.

 

Poetin begraaft strijdbijl, maar beschuldigt Saoedi’s

De nederlaag van Setsjin volgde op een interventie van Poetin. Op 3 april kondigde de Russische president in een vergadering met de regering aan dat hij nieuwe afspraken over de beperking van olieproductie nodig vond. ‘Wij zijn bereid om tot overeenkomsten te komen met onze partners in de OPEC+, en wij zijn bereid tot samenwerking met de Verenigde Staten over dit onderwerp,’ aldus Poetin.

De president schatte de benodigde beperking van de productie op ongeveer 10 miljoen vaten per dag. Bij het begin van de prijsoorlog wees Rusland nog een voorstel van Saoedi-Arabië af om de productie met 1,5 miljoen vaten per dag te beperken.

Tegelijkertijd liet Poetin duidelijk merken dat de meningsverschillen tussen de twee oliereuzen verre van voorbij zijn. Na zijn uitspraak over de noodzaak van samenwerking om de olieproductie te verminderen, legde hij de schuld voor de oorlog bij de Saoedi’s. ‘De tweede reden voor de val in prijzen [naast  het coronavirus – red.] is het vertrek van onze partners uit Saoedi-Arabië uit de “OPEC+”-deal, hun verhoging van de productie, en de aankondiging van onze Saoedische partners om zelfs korting op olie te geven,’ zei Poetin

Dat verwijt was opmerkelijk. Het waren immers juist de Russen die weigerden met de overige OPEC+ landen te onderhandelen over verdere beperkingen. Het verwijt van Poetin leidde dan ook tot een hernieuwde ruzie tussen Rusland en Saoedi-Arabië, waardoor de top van de OPEC+ enkele dagen moest worden uitgesteld.

putin alone opecPresident Poetin besprak op 3 april de situatie op de oliemarkt in een videoconferentie met energieminister Aleksandr Novak (foto Kremlin.ru) 

Spanningen blijven

De blijvende strijdlust van het Kremlin blijkt ook uit de harde uitspraken over de Amerikaanse beperking van de olieproductie die in de week voor de grote deal uit Moskou kwamen. Op woensdag 8 april werd bekend dat de productie van Amerikaanse schalieolie met 2 miljoen vaten per dag was afgenomen door de dalende vraag. Hierop kreeg presidentieel woordvoerder Dmitri Peskov de vraag of het Kremlin dit zag als een Amerikaanse bijdrage aan de productiebeperkingen van de OPEC+. Peskov liet merken dit voor Rusland niet genoeg was: ‘Een dalende vraag vergelijken met productiebeperkingen om de wereldwijde markt te stabiliseren is appels met peren vergelijken. Het zijn verschillende dingen,’ aldus Peskov.

Met de Paasdeal is de kou tussen de Russen, de Saoedi’s en de Amerikanen dan ook niet per se uit de lucht, denkt Maksim Soetsjkov, Midden-Oostenexpert aan de Moskouse Universiteit voor Internationale Betrekkingen. ‘Het Kremlin heeft tactisch een verlies genomen in de hoop op een grotere strategische overwinning op een later moment,’ aldus Soetsjkov. Volgens hem wil het Kremlin met de overeenkomst om de productie te beperken vooral kijken hoe de markt verder reageert op het coronavirus. Rusland heeft de hoop nog niet opgegeven dat het de Amerikaanse olieproducenten op den duur wel uit de markt kan prijzen, denkt Soetsjkov.

Bronnen: thebell.io, Vedomosti, Reuters, RBK.

Actueel