Het Ruslandbeleid van Nederland verandert niet. De Nederlandse regering blijft Rusland tegemoet treden via twee sporen: enerzijds met een vuist en anderzijds met een open hand. 

Net als in de vorige Ruslandstrategie van bijna vijf jaar geleden, die een antwoord moest zijn op de Russische interventies in Oekraïne, kiest ook het huidige kabinet-Rutte III voor een combinatie van zowel ‘druk’ als ‘dialoog’, schrijft minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in een brief aan de Tweede Kamer.

Druk is volgens de regering nodig om Nederland beter te beschermen tegen het ‘assertieve buitenland- en veiligheidsbeleid van Rusland dat zich afkeert van de internationale rechtsorde’ en intussen de lidstaten van de EU ‘tegen elkaar uitspeelt in zijn streven naar een veiligheidsarchitectuur in Europa waarin de rol van de NAVO aanzienlijk is verzwakt of is uitgespeeld’, aldus de minister. Zolang Rusland de Minsk-akkoorden over de Donbas niet nakomt, moeten de gemeenschappelijke Europese sancties tegen de specifieke set van betrokken Russische bedrijven, ondernemers en bestuurders, volgens de Nederlandse regering niet worden afgezwakt, laat staan opgeheven.

Desondanks is dialoog is tegelijkertijd ook nog steeds zinvol om ‘inzicht te krijgen in de onderlinge verschillen en de eigen belangen te behartigen’ ten opzichte van de ‘belangrijke geostrategische speler’ die Rusland nu eenmaal ‘op het Europese continent’ is, betoogt Blok.

StefBlok
Minister Stef Blok. Foto Flickr.

Nederland zoekt in zijn nu wat bijgepunte Ruslandstrategie wederom geen eigen weg. De regering blijft een gemeenschappelijke koers varen met andere lidstaten van EU en NAVO.

De regering denkt niet dat in deze dubbele strategie de komende vier jaar verandering zal komen. ‘In het licht van de aflopende ambtstermijn van president Poetin in 2024 zijn de komende jaren geen fundamentele politieke hervormingen te verwachten’, voorspelt Blok.

Veiligheidsbeleid

Het kabinet-Rutte III onderscheidt in de brief van Blok een aantal terreinen waar Nederland gevaar loopt.

Ten eerste staan de vrede en veiligheid in Europa nadrukkelijk op de agenda. Zo stelt de regering vast dat Rusland vooral in het Europese deel van zijn ‘conventionele en nucleaire strijdkrachten daardoor, zowel kwantitatief als kwalitatief, sterk verbeterd’ heeft. Bovendien heeft het een nieuwe, in potentie ook nucleair te laden, kruisraket SSC-8 ontwikkeld, hetgeen heeft geleid tot de beslissing van de Verenigde Staten om het INF-verdrag uit 1987 te beëindigen. Omdat Rusland deze nieuwe kruisvluchtwapens daadwerkelijk plaatst en ‘geen geloofwaardig voorstel’ heeft voor een ‘de verifieerbare ontmanteling’ ervan, beschouwt het kabinet de oproep van president Poetin om te komen tot een ‘moratorium’ op de plaatsing van korte-afstandsraketsystemen in Europa ‘niet als een realistische basis voor verdere onderhandeling en dialoog’. Desondanks onderschrijft het kabinet het belang van een doorlopende dialoog met Rusland over (nucleaire) ontwapening. Door de slechte betrekkingen met Rusland zijn namelijk ook de wederzijdse contacten afgenomen. Dat kan leiden tot ernstige ‘misverstanden’, waarschuwt Blok. ‘Niet voor niets pleitte president Macron voor hervatting van de dialoog met Rusland met een focus op (strategische) veiligheid (zoals wapenbeheersing, cyberveiligheid), de crisisgebieden (o.a. Oekraïne en Syrië) en mensenrechten’, voegt hij er aan toe.

Ten tweede moet Nederland zelf op zijn hoede zijn. Sinds de MH17-ramp en het internationale onderzoek dat onder auspiciën van de Nederlandse justitie plaatsvindt, is ‘het strategische belang van de Nederlandse politiek en rechtspraak voor Rusland sterk toegenomen’, stelt Blok. ‘Ons land is voor Rusland ook een interessant doelwit voor spionage.’ De poging van de Russische militaire inlichtingendienst GROe om het kantoor van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag te ‘hacken’, heeft dat onder meer geïllustreerd.

Economische belangen

Omdat de Russische staat een dominante rol in de Russische economie speelt, is Nederland volgens Blok gebaat bij een ‘economische dialoog’ en ‘selectieve samenwerking’ met Rusland. Die keuze wordt mede ingegeven door de betekenis die Nederland voor Rusland heeft. Nederland is nog altijd de derde handelspartner voor Rusland, na China en Duitsland, en is, na Cyprus, zelfs de tweede investeerder in Rusland.

Die rangorde heeft grotendeels te maken met de rol van Nederland als doorvoerhaven voor aardgas, olie en andere grondstoffen en met de positie van bijvoorbeeld de Zuidas in Amsterdam als plechtanker voor Russische holdings die zich in Nederland juridisch vestigen om zich te beschermen tegen het gebrek aan rechtszekerheid in Rusland zelf. Gelet op die laatste functie van Nederland wil het kabinet-Rutte proberen de ‘aanpak van witwassen in Nederland te verbeteren’, onder meer met behulp van een register dat ‘transparant’ moet maken wie er werkelijk schuilgaan achter vennootschappen en andere juridische entiteiten.

Minister Blok van Buitenlandse Zaken weidt verder niet uit over concrete stappen tegen besmet geld uit Rusland. De in Parijs woonachtige Russische econoom Sergei Guriev pleitte dit najaar in zijn Oktoberlezing voor RaamopRusland voor een striktere handhaven en nieuwe wetgeving in Nederland en de rest van Europa. Volgens Guriev is ‘radicale transparantie’ geboden om te voorkomen dat westerse staten worden gecorrumpeerd door zwart geld.

Mensenrechten

Qua mensenrechtenbeleid, een hoeksteen van het Nederlandse buitenlandse beleid, zal de regering zich met haar Ruslandbeleid vooral richten op ‘vrijheid van meningsuiting en internetvrijheid, vrijheid van religie en levensovertuiging, gelijke rechten voor vrouwen en meisjes, mensenrechtenverdedigers en gelijke rechten voor LHBTI’s.’ Twee multilaterale organisaties, waarbij ook Rusland is aangesloten, zullen daarbij nadrukkelijk worden ingezet: te weten de Raad van Europa en de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa. Blok is daarom impliciet blij met de terugkeer van de Russische delegatie in de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa. Hij schrijft: ‘Het kabinet is van mening dat lidmaatschap van Rusland van de Raad van Europa bijdraagt aan de verankering van universeel geldende normen en waarden ten aanzien van mensenrechten in Rusland. Het biedt Russische burgers voorts rechtstreekse toegang tot het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en andere instrumenten.’

Reactie uit Moskou

De Russische regering heeft nog niet gereageerd op de beleidsbrief van het kabinet-Rutte. Verschillende Russische nieuwsmedia hebben er wel nadrukkelijk melding van gemaakt dat minister Blok in het kader van het onderzoek naar de MH17-ramp aan zijn ambtgenoot Sergej Lavrov heeft gevraagd om ‘medewerking aan een feitelijk onderzoek naar het sluiten van het luchtruim boven en rondom Oekraïne’. Dit extra onderzoek, waarom de Tweede Kamer per motie heeft verzocht, is voor Rusland van politiek belang, omdat de autoriteiten in Moskou tot nu toe elke verantwoordelijkheid voor de ramp met de Maleisische Boeing verwerpen en de schuld zijn blijven geven aan Oekraïne, zij het dat het 'narratief' van de aantijgingen richting Kiev afgelopen vijf jaar regelmatig is veranderd en tot nu toe niet is ondersteund met details die het verwijt aan Oekraïne concreet kunnen staven. 

De Russische regering heeft dit ene punt uit de Ruslandstrategie van Blok er wel meteen uitgepikt en laten weten dat ze bereid is gegevens over de rol van Oekraïne te verstrekken. 'Helaas is dat tot nu toe genegeerd', aldus Vladimir Tsjizjov, ambassadeur bij de Europese Unie.

Actueel