Oekraïne is ongewild het epicentrum geworden van de Amerikaanse binnenlandse politieke controverses, nu de Democraten besloten hebben om een afzettingsprocedure tegen president Trump te beginnen. Ze verdenken hem ervan de Oekraïense president Zelensky onder druk te hebben gezet om een corruptieonderzoek in te stellen tegen Trumps concurrent Joe Biden.

Zelensky heeft zich tot nu toe op de vlakte gehouden. Vlak voordat hij woensdag in New York Trump zou ontmoeten, maakte hij een grap over het schandaal. ‘Niemand kan mij onder druk zetten, want ik ben de president van een onafhankelijk land. De enige die het kan is mijn zes jaar oude zoon.’ Zelensky’s minister van Buitenlandse Zaken Pristajko heeft ontkend dat Trump tijdens een telefoongesprek op 25 juli zijn Oekraïense collega onder druk heeft gezet. Een  paar dagen voor het bewuste gesprek hield Trump de vrijmaking tegen van een groot bedrag (ruim 400 miljoen dollar) aan militaire steun voor Oekraïne. Intussen is woensdag onder druk van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een ruw verslag van het gesprek tussen Trump en Zelensky vrijgegeven. Dat is hier te lezen.

zelensky in vsPresident Volodymyr Zelensky op bezoek in New York, waar hij Trump zou spreken. Foto gov.ua

Volgens de Oekraïense diplomaat Pavlo Klimkin, die onder de vorige president Porosjenko minister van Buitenlandse Zaken was, is de kwestie voor Oekraïne ‘bijzonder gecompliceerd’. ‘Ik wil niet zeggen dat het perspectief rampzalig is, maar heel ingewikkeld is het wel.’ Klimkin denkt dat Oekraïne maximale openheid moet betrachten. ‘Wij zijn tussen twee vuren komen te liggen. Hoe de zaak zich verder ook ontwikkelt, Oekraïne moet nog een tijd met Trump en zijn team verder. Van de VS hangt voor ons veel af, zowel wat betreft de oorlog met Rusland als economische hervormingen en andere zaken. We balanceren langs een afgrond’, aldus Klimkin tegen Hromadske TV.

In het algemeen vinden Oekraïense diplomaten en analisten dat Oekraïne moet zorgen zich buiten de Amerikaanse politiek te houden.

Trump en diens advocaat Rudolph Giuliani betichten Joe Biden ervan dat hij zijn positie van vice-president in 2016 misbruikte om een corruptie-onderzoek naar de Oekraïense energiefirma Burisma te staken. Bidens zoon Hunter zat – dankzij zijn vader–  destijds in raad van commissarissen van Burisma.

Burisma en Hunter Biden

Burisma is de grootste particuliere olie- en gasproducent in Oekraïne. Het bedrijf werd in 2002 opgericht door Mykola Zlotsjevsky, een zakenman met nauwe banden met de in 2014 verjaagde president Janoekovitsj.

Hunter Biden, een jurist, werd in het voorjaar van 2014 in de directie van Burisma opgenomen, toen zijn vader na de omwenteling in Oekraïne als gevolg van de Euromajdan-revolte vaak naar Kiev reisde en het Amerikaanse beleid vormgaf.  

Hunter Biden was juist ontslagen uit een baan bij de Amerikaanse marine, omdat hij positief was getest op cocaïnegebruik. Zijn commissariaat bij Burisma, die hij tot eerder dit jaar hield, leverde hem volgens de New York Times 50.000 $ per maand op. Dit voorjaar hield hij ermee op, naar hij zei omdat verlenging van zijn contract niet te combineren was met zijn vaders campagne voor de presidentsverkiezingen van 2020.

Joe Biden drong er vanaf december 2015 bij de Oekraïense regering op aan om procureur-generaal Viktor Sjokin te ontslaan. Biden zou zich er ook op hebben laten voorstaan dat hij ervoor gezorgd heeft dat Sjokin ontslagen werd, nadat hij had gedreigd een lening van 1 miljard dollar te bevriezen.

Maar de versie dat Biden hiermee het onderzoek naar Burisma wist stop te zetten, wordt in Oekraïne door anti-corruptie-activisten weersproken. Volgens Daria Kalenjoek, directeur van het Anticorruptie actiecentrum AntAC, hield Sjokin het onderzoek naar Burisma en andere grote corruptie-zaken juist tegen. ‘Sjokin liet belangrijke corruptiezaken vallen, ook het onderzoek naar Burisma’, zegt Kaleniuk. Dat deed hij zonder dat er druk vanuit de VS voor nodig was. Een voorbeeld van de onwillige houding van de procureur-generaal, aldus Kaleniuk, was een verzoek van Groot-Brittannië -  twee maanden voordat Hunter Biden bij Burisma kwam te werken -  om informatie over de eigenaar van de energiefirma die door de Britten werd verdacht van witwassen. Sjokin negeerde dit verzoek. Het Anticorruptie Actiecentrum stelde eerder dit jaar een dossier over Burisma samen. Het gestaakte strafrechtelijk onderzoek was gericht tegen de Burisma Holdings en eigenaar Zlotsjevsky, niet tegen Burisma en de directie, onder wie Bidens zoon Hunter.

Biden was lang niet de enige die bij Porosjenko aandrong op ontslag van Sjokin.  Anticorruptieactivisten en NGO’s in Oekraïne begonnen al enkele maanden na zijn benoeming om zijn ontslag te roepen, omdat hij corruptie niet aanpakte. Later werden zij gesteund door het IMF, de VS, de EU en buitenlandse investeerders. Sjokin was in februari 2015 benoemd en werd in maart 2016 ontslagen. Zijn ontslag werd gezien als een goede stap in de strijd tegen corruptie.

Bronnen: Hromadske, Radio Free Europe, Kyiv Post, New York Times, Anticorruption Action Center