De grootste autodealer van Rusland, Sergej Petrov, heeft een strafvervolging aan zijn broek gekregen. Hij is de zesde grote Russische zakenman dit jaar die van strafbare feiten wordt verdacht. Volgens Forbes hoort Petrov tot de 200 rijkste zakenlui van Rusland met een geschat vermogen van 900 miljoen dollar.

Zijn bedrijf, de Rolf Groep, beheerst 11 procent van de Russische markt en maakte in 2018 tegen de 100 miljoen dollar winst. De financiële tak van de inlichtingendienst FSB en het OM beschuldigen Petrov en drie directeuren ervan dat zij illegaal een som geld uit Rusland hebben weggesluisd. Het gaat om een bedrag van 63 miljoen dollar die in 2014  op een bankrekening in Cyprus zijn gestort. Sinds 2013 kunnen dergelijke transacties strafbaar zijn, maar pas sinds kort wordt er actief vervolgd. De maximumstraf die Petrov en zijn medeverdachten boven het hoofd hangt is tien jaar gevangenschap.

‘De laatste tijd zien we de trend dat een groot aantal leiders van grote bedrijven strafrechtelijk wordt vervolgd voor het plegen van economische misdrijven en oplichting’, zegt de Russische advocaat Jakov Gadzjijev in reactie op de strafzaak tegen Petrov. Het starten van een strafrechtelijke procedure is een drukmiddel van de staat op het zakenleven geworden, maar kan ook worden gebruikt voor het beslechten van conflicten tussen bedrijven onderling’, zegt hij tegen de zakenkrant RBK.

Amerikaanse bankier

In februari werd de Amerikaanse bankier Michael Calvey gearresteerd op verdenking van verduistering. Calvey is met zijn fonds Baring Vostok een van de belangrijkste buitenlandse investeerders in Rusland en zijn aanhouding wekte binnen en buiten Rusland veel beroering. De Russische ombudsman voor ondernemers, Boris Titov, verklaarde persoonlijk in te staan voor de integriteit van Calvey. Hij noemde de bemoeienis van justitie en de veiligheidsdienst met de zakenwereld een van de allergrootste problemen in het Russische zakenleven, die ondanks allerlei beloften niet wordt opgelost.  

Tijdens het Economisch Forum vorige maand in Sint-Petersburg - de jaarlijkse bijeenkomst van het zakenleven met de machthebbers van het Kremlin – werd de arrestatie van Calvey druk besproken en deden geruchten de ronde dat zijn huisarrest zou worden opgeheven zodat hij in Sint-Petersburg acte de présence zou kunnen geven.  

De nu beschuldigde Sergej Petrov was in Oostenrijk toen zijn kantoren in Moskou en Sint-Petersburg werden uitgekamd. Voorlopig keert hij niet naar Rusland terug. Volgens Petrov zijn de verdenkingen ingegeven door de wens om hem van zijn bedrijf te beroven, zijn ze een straf voor zijn politieke opvattingen of vormen ze een combinatie van de twee.

Behalve dat hij advocaten heeft ingeschakeld, gaat Petrov de zaak voorleggen aan ombudsman Boris Titov, zo heeft hij aan het persbureau Tass laten weten. ‘Ik moet alle mogelijkheden gebruiken. We moeten op een of andere manier deze golf van willekeur van veiligheidsdiensten stoppen. We hebben al een heleboel bedrijven verloren. Het belangrijkste is dat zakenlieden die hun bedrijven niet kwijt zijn, zien wat er gebeurt en dat zij geen lange-termijn investeringen [in Rusland] meer doen.’

Kritisch Doemalid

Petrov startte zijn bedrijf in 1991. In 2006 stapte hij uit de directie om in 2007 als lid van de partij Rechtvaardig Rusland plaats te nemen in de Doema, waar hij tot 2016 actief bleef. Als politicus uitte hij vaak kritiek op de regering. In 2011 steunde hij de massale protesten tegen de frauduleuze uitslagen van de Doema-verkiezingen, maar hij nam wel weer plaats in het parlement.

Over het werk van de Centrale Kiescommissie onder leiding van Ella Pamfilova om de verkiezingen van 2016 transparant en eerlijk te laten verlopen zei hij: ‘Dit is zoiets als de ligstoelen op het dek van de Titanic anders neerzetten.’  Gedesillusioneerd in de mogelijkheid iets te veranderen, hield hij de politiek voor gezien. In een interview met de zakenkrant Vedomosti uit 2016 voorspelde hij dat de Russische politiek en economie in een krach zouden eindigen. Hij hekelde de Doema die jaarlijks ‘meer dan 500 wetten aanneemt zonder zich verantwoordelijk te voelen voor de kwaliteit ervan’.  

Bronnen: Interfax, The Bell, Meduza, Tass, RBK