Rusland is in de ogen van zijn burgers momenteel geïsoleerder dan ooit sinds de annexatie van/hereniging met de Krim. Dat ligt volgens de Russen echter niet aan de regering in Moskou, maar veeleer aan het Westen

President Poetin noemde de Stalin-terreur bij de onthulling van de Muur van Leed in Moskou een 'tragedie voor het hele volk' en een 'klap voor de cultuur'. Het gedenkteken voor de slachtoffers van het stalinisme aan de Sacharovstraat werd onthuld op 30 oktober, door mensenrechtenactivisten in 1974 uitgeroepen tot de 'Dag van politieke gevangenen in de USSR'. In 1991 maakte de Opperste Sovjet (destijds het parlement) van 30 oktober officieel de 'Dag van de slachtoffers van politieke repressie'.

Minister Vladimir Medinski van Cultuur mag zijn doctorstitel houden. Het presidium van de Hoge Attestatiecommissie van Rusland heeft in meerderheid besloten dat het academische proefschrift van Medinski niet ongeldig moet worden verklaard.

Het presidium heeft daarmee de eerdere aanbeveling van de historische vakcommissie in de wind geslagen. De experts van de Hoge Attestatiecommissie hadden begin oktober juist geadviseerd om Medinski wel zijn academische graad als historicus te ontnemen.

43 procent van de Russen denkt dat de repressie onder Stalin nodig was om de orde in het land te herstellen en waarborgen. Dat blijkt uit een enquête van het Moskouse onderzoeksbureau VTsIOM.

Russisch-orthodoxe activisten onder leiding van parlementslid Natalia Poklonskaja willen de Russische film Matilda verbieden, een historisch epos over het leven van Matilda Ksjesinskaja, de minnares van kroonprins Nicolaas Romanov, voordat hij tot tsaar Nicolaas II werd gekroond en trouwde met Alexandra. De film van regisseur Aleksej Oetsjitel is nog niet afgemonteerd, maar is nu al verworden tot brandpunt van een taaie strijd tussen het Kremlin, de Orthodoxe kerk, ultraconservatieve krachten en de artistieke elite, over censuur, artistieke vrijheid en religieuze gevoeligheden.