Een russofobe regering die zich steeds vaker door Rusland laat gebruiken. Dat is het tegenstrijdige beeld van het nieuwe Polen, dat zich enerzijds luidkeels afzet tegen het liberale Westen maar tegelijk een politiek bedrijft die geheel in lijn is met de wensen van het Kremlin. Polen zoekt ruzie met voormalige bondgenoten en spiegelt zich aan de voormalige vijand. Daarmee neemt het volgens Ekke Overbeek, journalist in Warschau, een unieke positie in. De Poolse paradox.

polen protesten tegen overhaul suprem court in wroclawTienduizenden protesteerden in juli 2017 in heel Polen tegen een ontslagwet voor rechters van het Hooggerechtshof

door Ekke Overbeek

'Als Europa ons straks de rug toekeert en knokploegen hier over straat gaan, zal Rusland van ons eisen dat we de rechten van minderheden respecteren en een vredesmacht sturen. Het ergste is dat ze zullen komen op onze uitnodiging, want wij zullen vastlopen in onze eigen onmacht en chaos.'

Met deze opmerkelijke voorspelling nam Andrzej Wajda afscheid van zijn vaderland. De beroemdste Poolse regisseur, bekroond met een Oscar voor zijn hele oeuvre, overleed vorig jaar op negentigjarige leeftijd. Onlangs verscheen postuum het laatste interview met de man die als geen ander de Poolse strijd voor vrijheid en onafhankelijkheid verbeeldde. En uitgerekend hij ziet Polen opnieuw wegdrijven uit Europa, richting Rusland.

Dat Polen zich afkeert van West-Europa is geen nieuws. Sinds de politieke partij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) twee jaar geleden een absolute meerderheid in het parlement behaalde en het roer radicaal omgooide, verschijnt Polen regelmatig in de media als het land waar democratie en rechtsstaat op de tocht staan. Het aantal conflicten tussen Warschau en Brussel groeit, met als belangrijkste controverse het onderwerpen van de rechterlijke macht aan de controle van de regeringspartij.

In eigen land protesteren mensen als Wajda tegen het experiment met 'niet-liberale' democratie: een hiërarchisch georganiseerde, gecentraliseerde macht. Het parlement als applausmachine. De kerk als moreel kompas voor de natie. Het Westen als verdorven, decadent afschrikwekkend voorbeeld. LGBT als kop van Jut. Openbaar Ministerie en rechtbank als twee koppen van dezelfde hydra. Selectieve repressie tegen mensen die protesteren. Een Faustiaanse deal met de zwijgende meerderheid: economische stabiliteit in ruil voor vrijheid.

Net als Hongarije, Turkije en Rusland

Het is een opsomming die bekend is uit Hongarije, Turkije en Rusland. Enkele maanden nadat PiS de macht in handen kreeg en het Constitutionele Hof onder vuur nam, noemde de voormalige Amerikaanse president Bill Clinton Polen en Hongarije dan ook in één adem als landen ‘die onlangs tot de conclusie zijn gekomen dat democratie teveel gedoe is en liever autoritaire leiders hebben in Poetin-stijl’. 

De Hongaarse premier Viktor Orban onderhoudt een warme, pragmatische band met Poetin. Net als de Slowaakse premier Robert Fico en de Tsjechische president Miloš Zeman. Dat kan echter niet gezegd worden over welke Poolse politicus dan ook. Hoe diep de kloof tussen PiS en anti-PiS de afgelopen jaren ook is geworden, over één ding lijken beide kampen het roerend eens: met Rusland is het kwaad kersen eten.

Sterker nog: van alle regeringen sinds de implosie van het communisme in 1989 klinkt de PiS-regering het meest rabiaat russofoob. De partij stelt zichzelf voor als erfgenaam van de nationale vrijheidsstrijd tegen Rusland én Duitsland. Ze belooft af te rekenen met communisten (vermeende vertegenwoordigers van Moskou) én politiek-correcte ‘liberalen’ (vermeende vertegenwoordigers van ‘Brussel’ en Berlijn).

Bovendien is in het wereldbeeld van PiS-partijleider Jaroslaw Kaczyński een centrale plaats weggelegd voor ‘Smolensk’. Bij die stad in Rusland kwam zijn tweelingbroer, president Lech Kaczyński, in 2010 om bij een vliegtuigramp. Een van Kaczyński’s naaste medewerkers, de huidige minister van defensie Antoni Macierewicz, speurt al jaren naarstig naar bewijzen dat het Kremlin er de hand in had, samen met Donald Tusk – toen premier van Polen, nu voorzitter van de Europese Raad.

polen kaczynski tweelingTweelingbroers Lech en Jaroslaw Kaczynski van PiS. Lech kwam om bij het geruchtmakende vliegtuigongeluk in Rusland

Smolensk leent zich ideaal als funderingsmythe voor Kaczyński’s nieuwe Polen. Het stelt hem in staat zijn evenbeeld – als standbeeld – letterlijk op een voetstuk te plaatsen. Bovendien ligt er een mooie historische parallel voor het oprapen: zijn tweelingbroer verongelukte op weg naar Katyn vlakbij Smolensk, een van de plekken waar Stalin in 1940 ruim 20.000 krijgsgevangen Poolse officieren (onder wie de vader van regisseur Andrzej Wajda) in koelen bloede liet vermoorden.

Het anti-Russische sentiment ligt dus ingebakken in de partij- en daarmee in de nieuwe staatsideologie.  En toch is Wajda niet de enige die waarschuwt dat Polen onder Poetins paraplu dreigt te belanden.  Het is een terugkerend motief in de Gazeta Wyborcza, de krant van hoofdredacteur Adam Michnik, die jaren in communistische gevangenissen doorbracht wegens oppositieactiviteiten:  'In twee jaar tijd heeft de PiS regering ons ver naar het oosten verschoven, ver van de standaarden die gelden in de Europese Unie en het beschaafde Westen. We zijn gevaarlijk dichtbij een satrapie die een democratie voorwendt, maar waar in werkelijkheid een machtswisseling niet meer mogelijk is,' concludeerde Wyborcza-redacteur Paweł Wroński.

Voor Kaczyński’s aanhangers is deze redenering bij voorbaat ongeloofwaardig, omdat de Gazeta Wyborcza in hun ogen de spreekbuis van de ‘liberale’ elite is, een post-communistisch Fremdkӧrper in het weefsel van de zich herstellende natiestaat. En ze hebben een ijzersterk argument om pro-Russische verdenkingen van zich af te schudden: Polen ligt verankerd in de NAVO en de EU en PiS is immers niet van plan zich uit deze organisaties terug te trekken.

Steeds lastiger NAVO-lid

Polen is inderdaad lid van EU en NAVO, maar wel een steeds lastiger lid. Binnen Europa pleit de PiS-regering voor verwatering: terug naar een soort vrijhandelszone met behoud van de miljardensubsidies voor voormalige oostblokkers. Kortom: wel het geld, niet de bemoeienis. Vooralsnog geen visie waarmee Warschau de handen in Brussel op elkaar krijgt. Dat ligt anders in Moskou. Minder macht voor Brussel betekent meer ruimte om met Europese landen afzonderlijk te onderhandelen.

Dat geldt ook voor de NAVO. Hoe verdeelder de lidstaten onderling, hoe meer speelruimte voor Rusland. Op het eerste gezicht valt de Poolse regering hier niets te verwijten. Binnen het bondgenootschap is Polen een van de weinige landen die twee procent van zijn bbp besteden aan defensie. Dat moet vanaf volgend jaar zelfs 2,5 procent worden. De vraag wat er met dat geld gebeurt, is vers twee.

Hier richten de schijnwerpers zich op minister van defensie Antoni Macierewicz. Onder het communisme was hij samen met Michnik een dissident van het eerste uur, mede-oprichter van het Comité ter Verdediging van Arbeiders, de voorloper van Solidarność. Tegenwoordig is hij een van de naaste medewerkers van PiS-leider Kaczyński en een van de meest problematische.

polen min defensie macierewiczMinister van Defensie Macierewicz, voorheen dissident, nu complotdenker

Macierewicz’ carriѐre is een aaneenrijging van heftige controverses waarbij het vrijwel altijd draait om geheime diensten. In 1992 bracht hij als minister van Binnenlandse Zaken zijn eigen regering ten val door een lijst te presenteren met namen van politici die volgens hem informanten van de communistische geheime dienst waren. Tijdens de eerste PiS-regeringen in de jaren 2005-2007 ontmantelde hij de militaire contraspionnagedienst WSI die volgens hem vol Russische spionnen zat. Of dat zo was is niet duidelijk. Duidelijk is wel dat het Poolse leger het lange tijd zonder contraspionage moest stellen, want Macierewicz noemde geheime medewerkers en informanten met naam en toenaam in zijn openbare rapport.

Na 2010 ontpopte Macierewicz zich als drijvende kracht achter het alternatieve onderzoek naar de Smolensk-ramp. Het officiële onderzoeksrapport wees uit dat het presidentiële vliegtuig neerstortte door een opeenstapeling van menselijke fouten. Macierewicz verwees dit naar de prullenbak en lanceerde jarenlang de ene theorie na de andere om aan te tonen dat het om een aanslag ging. Spannende lectuur die bij gebrek aan bewijs voorlopig tot het rijk der fictie hoort.

Boeman en bondgenoot

Wat al deze kwesties verbindt is dat ze allemaal Rusland in de rol van boeman plaatsen, maar ondertussen de Russische belangen niet schaden en in zekere zin zelfs dienen, doordat ze diepe verdeeldheid in Polen zelf veroorzaken. 

Voor de verkiezingen in 2015 beloofde PiS dat de controversiële Macierewicz geen minister van Defensie zou worden. Na de verkiezingen werd hij onmidddellijk minister van Defensie. Critici laten geen spaan heel van zijn politiek. De modernisering van het leger ligt op haar gat. De aanschaf van helicopters is op het laatste moment afgeblazen, zonder duidelijke opgave van redenen. Dat leidde tot een knetterende ruzie met Parijs, dat Polen voorlopig buiten gezamelijke Europese defensieplannen plaatst.  Ook de aanschaf van een raketsysteem is uitgesteld. De laatste onderzeeër brandde onlangs uit en er is geen uitzicht op vervanging binnen afzienbare tijd.

polen poetin doet dode kaczynski uitgeleidePoetin bewijst omgekomen president Lech Kaczynski op 11 april 2010 de laatste eer in Smolensk (foto persdienst Poolse president)

In plaats daarvan gaat er veel geld naar de opbouw van een vrijwilligersleger en de aanleg van schietbanen. Volgens veel militaire specialisten verspild geld, want met vrijwilligers die een paar weekeinden per jaar oefenen houd je het Russische leger niet tegen. Ondertussen is bijna de hele legertop vervangen door mensen die weten dat ze hun carriѐre aan PiS te danken hebben. In Brussel is Polen niet alleen in de burelen van de EU geïsoleerd.

Bovenstaande voorbeelden kun je afdoen als een technische discussie tussen militaire specialisten. Maar recente onthullingen werpen een heel ander licht op de zaak. In de loop van vorig jaar verscheen een serie artikelen van de journalist Tomasz Piątek, die de naaste omgeving van minister Macierewicz onder de loep nam. Kort voor de zomer verscheen Piąteks boek Macierewicz en zijn geheimen. De feiten die hij geduldig bij elkaar schraapte uit rechtbankdossiers, interviews en de Poolse variant van de Kamer van Koophandel laten eigenlijk maar een conclusie toe: Macierewicz is decennialang omringd geweest door mannen in dienst van Moskou. Bewust of onbewust, daarover laat de auteur zich wijselijk niet uit.

Het boek werd prompt een bestseller. Minister Macierewicz liet de journalist vervolgen door het Militaire OM, dat gecontroleerd wordt door minister Macierewicz. Een methode waarvoor Poetin of Erdogan zich niet zouden schamen. De aanklacht: 'het gebruik van geweld of het strafbaar bedreigen van een ambtenaar in functie met het doel diens diensthandelingen te dwarsbomen, of te verhinderen'. En 'het beledigen of vernederen van een constitutioneel orgaan van de Poolse Republiek'. Al met al goed voor een potentiële gevangenisstraf van vijf jaar.

Het beeld dat journalist Piątek schetst – een russofobe minister die zich door Rusland laat gebruiken – is illustratief voor de kritiek die de PiS-regering in haar geheel treft. Ook de buitenlandse politiek lijkt verrassend goed te passen in de strategie van het Kremlin. Sinds PiS aan de macht is klinkt er geen inhoudelijke kritiek meer op het binnenlandse beleid van Vladimir Poetin: het schenden van mensenrechten, onopgehelderde moorden op politieke tegenstanders, het uit elkaar jagen van demonstranties. West-Europa krijgt daarentegen de volle laag. De Europese Commissie en Berlijn worden consequent afgeschilderd als de vijand, die Polen bedreigt met economische overheersing, een groeiende islam en morele decadentie. Stuk voor stuk thema’s die bekend zijn uit de Russische kritiek op het Westen.

Aankloppen bij de buren

Naarmate westerse hoofdsteden minder vaak worden bezocht, klopt Warschau op andere deuren. Bijvoorbeeld in Minsk. De voorzitter van de senaat, Stanisław Karczewski had eind 2016 een ‘goed, ‘heel warm’ en ‘hartelijk’ gesprek met de Wit-Russische dictator Aleksandr Loekasjenko, die hij ‘een warme persoonlijkheid’ noemde. Ook de minister van Buitenlandse Zaken en die van Ontwikkeling (zeg maar Economische Zaken) lieten zich lovend uit over hun gastheer tijdens hun bezoeken aan Minsk.

pools parlement protesteert tegen aanval persvrijheidDecember 2016, oppositie in het Pools parlement protesteert tegen inperking persvrijheid

Het Poolse parlement is een officiële samenwerking aangegaan met zijn Wit-Russische tegenhanger, hoewel er de afgelopen twee decennia geen vrije verkiezingen plaatshadden in Wit-Rusland. Als gebaar van goede wil kneep Warschau de subsidie aan Belsat af, een televisiezender in het Wit-Russisch die vanaf 2007 een alternatief bood voor Loekasjenko’s staatstelevisie.

Veelzeggend was ook het recente bezoek van de Turkse president Recep Erdogan aan Warschau. Hij kreeg de rituele verzekering dat de Republiek Polen volledige steun geeft aan de integratie van Turkije met de EU, die alleen op papier nog bestaat. Al in 2014 constateerde Jarosław Kaczyński: 'We moeten er alles aan doen om ervoor te zorgen dat Polen wordt wat Turkije is.'

PiS heeft zijn hoop gevestigd op het zogeheten ‘Intermarum’, een samenwerkingsverband van landen tussen de Oost-, Zwarte- en Adriatische Zee, dat een tegenwicht zou moeten vormen tegen Duitsland en Rusland. Afgezien van wat ideeën voor infrastructurele projecten heeft dit ‘Intermarum’ vooralsnog weinig om het lijf. Behalve met Hongarije, zijn de relaties met de landen in de regio niet verbeterd. In het geval van Litouwen en Oekraïne zijn ze zelfs verslechterd. En ook hier kan het Kremlin tevreden zijn. Ruzies met Vilnius en Kiev zijn scheuren in de veiligheidsarchitectuur die het voormalige oostblok na de val van het communisme tot een van de stabielste regio’s ter wereld maakte.

Met beide landen deelt Polen een lange, ingewikkelde en vaak pijnlijke geschiedenis. Vooral de relatie met Oekraïne is hier cruciaal. Sinds de val van het communisme heeft Warschau zich heel terughoudend opgesteld inzake historische gevoeligheden en bijvoorbeeld niet aangedrongen op een knieval voor het massaal vermoorden van Polen door Oekraiense nationalisten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat was een bewuste keuze: het verleden laten rusten omwille van de toekomst. Dat gold ook voor wijlen president Kaczyński, de tweelingbroer van de man die nu aan alle touwtjes trekt in Polen.

President Lech Kaczyński legde in 2006 in het dorp Pawlikowo in Zuid-Oost-Polen samen met zijn Oekraiense ambtsgenoot Viktor Joesjtsjenko een krans voor de ongeveer 350 Oekraïners die daar in maart 1945 werden vermoord door Polen. Daarbij sprak hij de religieuze woorden: 'vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeven onze schuldenaren'. Warschau zette de eerste stap, hoewel het aantal Polen dat tijdens de oorlog door Oekraiense partizanen werd vermoord aanzienlijk groter was dan omgekeerd.

Zijn tweelingbroer, Jarosław Kaczyński, slaat ruim tien jaar later een heel andere toon aan: 'Met Bandera komt Oekraïne de EU niet in.' Stepan Bandera was de leider van de Oekraïense nationalisten. In Polen staat hij symbool voor het afslachten van ruim 100.000 Polen in 1943 en 1944 door Oekraiense partizanen. Maar in Oekraïne is hij een held, die vocht voor de onafhankelijkheid. In 2010 onderscheidde president Viktor Joesjtsjenko hem postuum als ‘held van Oekraïne’.

Ruzie met Oekraïne

De uitspraak van Kaczyński is een teken des tijds. Sinds de val van het communisme was een nauwe band met een onafhankelijk Oekraïne een pijler onder de Poolse buitenlandse politiek. Deze doctrine berustte op de gedachte dat Polen veilig is, zolang Oekraïne als onafhankelijk land een buffer vormt tegen Rusland. Polen brak de afgelopen twee decennia menige lans om Oekraïne richting EU te trekken. 

De scheuren die nu zichtbaar zijn, zijn een logisch gevolg van een politiek die ‘nationale identiteit’ en ‘geschiedspolitiek’ centraal stelt. Je kunt moeilijk het leed en de strijd tijdens de Tweede Wereldoorlog in het centrum van de nationale identiteit plaatsen en tegelijkertijd zwijgen over wat er in die tijd in voormalig Oost-Polen gebeurde. Zeker nu in Oekraïne leden van het Oekraiense Opstandelingenleger (UPA) die de massamoord pleegden, op een voetstuk worden geplaatst  - waarbij het eerbetoon vooral hun verzet betreft tegen de communisten na de Tweede Wereldoorlog tot in 1956.

polen huta pieniacka monument bij hruszowice ter ere van upa

Polen en Oekraïne ruziën over het onlangs afgebroken monument voor Oekraïense partizanen van de UPA in het Poolse dorp Hruszowice (foto Wikimedia)

Warschau steunt Kiev nog altijd in het conflict over de Krim en de Donbas, maar steeds vaker klinkt in regeringskringen kritiek op ‘Oekraiense nationalisten’. Deze formule biedt Moskou een opening naar een groeiend deel van de publieke opinie in Polen.  Oud-premier Kazimierz Marcinkiewicz, voorstander van de voorzichtige benadering, vatte het als volgt samen: 'Warschau voert jegens Oekraïne een politiek volgens de lijn van Moskou.'

De afgelopen weken lieten een escalatie zien. Polen braken een monument af voor Oekraiense partizanen, omdat dit illegaal geplaatst zou zijn. Daarop blokkeerde Kiev de exhumatie van Poolse slachtoffers in Volhynië. Als reactie kondigde het Poolse ministerie van Buitenlandse Zaken aan dat Oekraïners met ‘extreem anti-Poolse denkbeelden’ het land niet meer inkomen. Afgelopen week werd om deze reden een hoge Oekraïense functionaris tegengehouden bij de grens. Op internet circuleert een filmpje waarop de man te zien is bij de herbegrafenis van Oekraïense SS-ers, waarbij de grafdelvers in SS-uniform lopen.

In het oosten is het opspelen van de geschiedenis het resultaat van oplevend nationalisme aan weerszijden van de grens. Als het gaat om Duitsland, lijkt het er meer op dat historische conflicten bewust nieuw leven wordt ingeblazen. Kaczyński verklaarde afgelopen zomer dat de kwestie van herstelbetalingen voor de Tweede Wereldoorlog nog altijd open is. PiS-ministers boden vervolgens tegen elkaar op met rekeningen, die uiteindelijk leidden tot de conclusie: Duitsland is Polen duizend miljard euro schuldig.

'Volstrekt onverantwoord,' oordeelde de oppositie, want door de naoorlogse regelingen te verwerpen, geef je Duitse nationalisten – mochten die ooit in de buurt van de macht komen – de mogelijkheid om de grens met Polen in twijfel te trekken. De definitieve erkenning van de zogeheten Oder-Neisse-grens door Duitsland in 1990 was een succes voor de toenmalige Poolse regering. Polen mocht na de oorlog bijna een kwart van Duitsland annexeren. In dat licht is het een bizar idee dat Duitsland niet betaald zou hebben.

Nog vreemder is het contrast tussen de schrille toon richting Berlijn en het zwijgen jegens Moskou. De Sovjet-Unie was een bondgenoot van Hitler-Duitsland, toen het in september 1939 Oost-Polen bezette, duizenden Polen vermoordde en honderdduizenden naar Siberië deporteerde. Na de oorlog annexeerde Moskou een groot deel van Polen, joeg een paar miljoen Polen over de nieuwe grens, stal Duitse schadevergoedingen die bestemd waren voor Polen en zadelde het land met een halve eeuw dictatuur op. Maar van Moskou eist Kaczyński geen cent.

De oppositie laat geen spaan heel van het buitenlandbeleid van PiS. Ze constateerde dat de huidige regering geen buitenlandse politiek voert, maar een binnenlandse politiek met buitenlandse middelen. Rusland vervult daarbij de rituele rol van historische boeman. Een openlijke toenadering tot Moskou lijkt alleen al om die reden uitgesloten. Maar ondertussen past de Poolse Alleingang, begeleid door anti-Westerse retoriek, in de strategie van het Kremlin. Donald Tusk, oud-premier van Polen en voorzitter van de Europese Raad, vatte het op 19 november in een tweet samen: 'Alarm! Een felle ruzie met Oekraïne. Isolatie in de Europese Unie. Het verlaten van de rechtsstaat en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht. Een aanval op NGO’s en de vrije media. Is dit de strategie van PiS, of een plan van het Kremlin? Het een lijkt te veel op het ander om gerust te kunnen zijn.'

Kaczyński geeft ronduit toe dat hij zich niet thuisvoelt tussen de huidige West-Europese democratieën, die volgens hem gebukt gaan onder een door liberale elites opgelegde politieke correctheid. 'We zullen een eiland zijn van vrijheid en tolerantie,' verklaarde hij onlangs. Dat is opmerkelijk voor een politicus in wiens denken de nationale geschiedenis zo’n centrale rol speelt. Het verleden leert dat er tussen Duitsland en Rusland geen plaats is voor eilanden.